- Locatie
Raadzaal
- Voorzitter
- K. Schra
- Agenda documenten
Agendapunten
-
1
Voorzitter: dhr. Schra
pfh: wethouder Rosier
Spreektijd per fractie: 3 minuten
Spreektijd college: 9 minuten
De raad wordt voorgesteld de speelruimtenota ‘Ruimte geven! 2016-2026 vast te stellen.
De speelruimtenota ‘Ruimte geven! 2016-2026 is opvolger van het beleidskader Spelen 2005-2015 dat actualisatie behoeft. Aanleiding voor de actualisatie is flexibeler in te kunnen springen op veranderend gebruik van de speelvoorzieningen bij gelijkblijvend budget. Zowel in de startnotitie, enquête als rondloop (samenspraak) met bewoners blijkt dat het huidige aanbod aan speelvoorzieningen niet voldoet aan de behoefte. Met het bestaande budget is het niet mogelijk om de hoeveelheid speelvoorzieningen op hetzelfde peil te houden en de kwaliteit van de speelplekken te verhogen.
In de speelruimtenota zijn drie scenario’s uitgewerkt waarin beschikbaar budget per kind en kwaliteit van de speelvoorzieningen de twee variabelen zijn. Continueren van bestaand beleid is in dit voorstel als vierde scenario (scenario 1) toegevoegd. Die scenario’s geven een indicatie, geen zekerheid, van de gevolgen voor het aantal en plekken van voorzieningen. Voor de komende jaren wordt als leidend principe voorgesteld “kwaliteit gaat boven kwantiteit”. De uitdaging is budget en veiligheid te bewaken en tegelijkertijd ruimte te geven aan samenspraak en flexibiliteit inbouwen.
Meeste kans van slagen om die verschillende belangen tegelijkertijd zoveel mogelijk te dienen, biedt volgens het college de koers die in scenario 2, scenario ‘basisvoorzieningenniveau’ wordt geschetst: de hoeveelheid speelplekken voor kinderen op kleinere afstand van de woningen gaat (sterk) omlaag (kwantiteit) en centraal in de wijk gelegen plekken krijgen een kwaliteitsimpuls. . De verwachting bij deze variant is wel dat omwonenden het niet altijd eens zullen zijn waardoor de realisatie lastiger blijkt dan gedacht. Hierdoor is er een kans dat er onvoldoende plekken verdwijnen om te voorzien in de financiële ruimte voor de realisatie van de centrale plekken.
Aard van deze bespreking is beeld- en oordeelsvormend: verkennen en afbakenen van het vraagstuk, inventariseren van knelpunten en keuzes, verduidelijken eventuele technische onduidelijkheden alsmede uitwisseling van inhoudelijke argumenten en daarop doorvragen om tot een goede weging te kunnen komen van de voorstellen.
Bijlagen
-
2
Voorzitter: dhr. Schra
Pfh: wethouder Rosier
Spreektijd per fractie: 3 minuten
Spreektijd college: 9 minuten
De raad wordt voorgesteld Actualisatie beheervisie openbare ruimte 2016-2021 vast te stellen.
In 2008 zijn de uitgangspunten voor het beheer van de openbare ruimte in Zoetermeer vastgelegd in de Visie Openbare Ruimte (VOR) en Beheervisie Openbare Ruimte (BOR).
Op 15 december 2014 heeft de raad de Startnotitie Actualisatie Beheervisie Openbare ruimte vastgesteld. Op basis hiervan is de bijgevoegde Actualisatie opgesteld.
Actualisatie van beheerbeleid is om meerdere redenen noodzakelijk:
• Meer variatie en differentiatie in het beheer en zo veel mogelijk ruimte geven aan bewonersinitiatieven (onder andere samenspraak);
• De gemeente onderhoudt tot nu toe het gehele areaal op gemiddeld niveau C, met uitzondering van het Stadshart, de wijkwinkelcentra en bedrijventerreinen (gemiddeld B-kwaliteit). In de toekomst wordt dat te duur.
• Maatschappelijk belangrijke thema’s zoals vergrijzing, klimaatadaptatie en biodiversiteit worden ingebed in het beheerbeleid.
Differentiatie en variatie van beheerkwaliteit en zoveel mogelijk inspelen op de wensen van burgers noemen we omgevingsbewust beheer. Omgevingsbewust beheer leidt onherroepelijk tot verschil in beheerkwaliteit en waarschijnlijk tot hogere kosten.
De nieuwe koers of strategie in de Beheervisie Samen werken aan de Stad 2016-2010 (Beheervisie) is om zoveel mogelijk financiële ruimte te creëren voor omgevingsbewust beheer, waarbij niveau C de ondergrens blijft. Zoetermeer staat voor een veilige openbare ruimte. Zoetermeer gaat echter vaker de ondergrens opzoeken, zonder onverantwoord risico en de veiligheid uit het oog te verliezen. Deze koers wordt in de Beheervisie risico gestuurd beheer genoemd.
De uitdaging in het beheer van de komende jaren is technisch verantwoord te werken én dat in samenspraak en omgevingsbewust te doen. De verwachting is dat de combinatie van risico gestuurd en omgevingsbewust beheer aan deze uitdaging het hoofd kan bieden.
Zoetermeer heeft echter nog geen ervaring met risico gestuurd beheer opgedaan. In 2017 wordt het nieuwe beheerbeleid op effect geëvalueerd.
Bij het opstellen van de Beheervisie zijn de opdrachten die het college heeft gekregen via motie 1406-08a,1406-42a en 1307-05a verwerkt.
Aard van deze bespreking is beeld- en oordeelsvormend: verkennen en afbakenen van het vraagstuk, inventariseren van knelpunten en keuzes, verduidelijken eventuele technische onduidelijkheden alsmede uitwisseling van inhoudelijke argumenten en daarop doorvragen om tot een goede weging te kunnen komen van de voorstellen.
Bijlagen
-
3
Voorzitter: dhr. Schra
Pfh: wethouder Rosier
Spreektijd per fractie: 3 minuten
Spreektijd college: 9 minuten
De raad wordt voorgesteld het Gemeentelijk Riolerings Plan Zoetermeer 2016-2020 en het Strategisch Ketenplan 2015-2050 vast te stellen.
De gemeente is wettelijk verplicht een gemeentelijk rioleringsplan (GRP) op te stellen. In dit gemeentelijk rioleringsplan 2016-2020 is beschreven hoe de gemeente Zoetermeer haar zorgplicht op het gebied van water invult.
Tijdens het opstellen van dit GRP heeft ook een financiële doorrekening van de Voorziening Groot Onderhoud ondergronds plaatsgevonden. Voorgesteld wordt om de theoretische levensduur van het rioleringsstelsel te verhogen van 60 naar 80 jaar. Om deze besparing mogelijk te maken moeten de riolen vaker geïnspecteerd worden, versneld ge-relined (gerenoveerd) en vaker gereinigd worden. De extra kosten wegen ruimschoots op tegen de besparing door de langere levensduur.
Aanvullend op het GRP zijn op basis van het Bestuursakkoord Water gemeenten en waterschappen actiever gaan samenwerken. De Netwerkorganisatie Afvalwaterketen Delfland is één van deze samenwerkingsverbanden. Voor de komende jaren heeft de Netwerkorganisatie Afvalwaterketen Delfland het Strategisch Ketenplan 2015-2050 opgesteld. Ingezet wordt op het vergroten van kennis, hergebruik van water en worden pilotprojecten gehouden.
Bij het GRP 2011-2015 was een extra opbrengststijging van de rioolheffing tot en met 2021 noodzakelijk, boven de normale stijging vanwege de inflatie. Met het GRP 2016-2021 is deze extra stijging door de eerdergenoemde besparing niet langer noodzakelijk.
Aard van deze bespreking is beeld- en oordeelsvormend: verkennen en afbakenen van het vraagstuk, inventariseren van knelpunten en keuzes, verduidelijken eventuele technische onduidelijkheden alsmede uitwisseling van inhoudelijke argumenten en daarop doorvragen om tot een goede weging te kunnen komen van de voorstellen.
Bijlagen
-
4
Voorzitter: dhr. Schra
Pfh: wethouder Paalvast
Spreektijd per fractie: 1 minuut
Spreektijd college: 3 minuten
Zoetermeer kan door deelname aan ‘Green Deal Openbaar Toegankelijke Elektrische Laadinfrastructuur voor Elektrisch Vervoer’ via de Metropoolregio Rotterdam Den Haag een uitbreiding van 130 laadpalen voor elektrische auto’s realiseren. Dit is gewenst gelet op de verwachte sterke groei van het aantal elektrische auto’s.
Voor het plaatsen van de 130 laadpalen is een investeringskrediet van € 390.000,- nodig. Vanuit de ‘Green Deal aanvraag’ krijgt Zoetermeer begin 2017 eenmalig een bijdrage van € 117.000,-. Dit is echter onder de voorwaarde dat de raad voor 1 oktober 2016 besluit aan deze aanvraag deel te nemen. De nettobijdrage van Zoetermeer wordt dan € 273.000,-. Deze investering kan door een opslag op het stroomtarief in 8 jaar (= de afschrijvingstermijn van de laadpalen) volledig worden terugverdiend. Hierbij zijn de kosten van het laden thuis en aan een openbare laadpaal vergelijkbaar.
Aard van deze bespreking is beeld- en oordeelsvormend: verkennen en afbakenen van het vraagstuk, inventariseren van knelpunten en keuzes, verduidelijken eventuele technische onduidelijkheden alsmede uitwisseling van inhoudelijke argumenten en daarop doorvragen om tot een goede weging te kunnen komen van de voorstellen.
Bijlagen